vervangbaar

Dutch

Etymology

vervang + -baar

Pronunciation

  • (file)

Adjective

vervangbaar (comparative vervangbaarder, superlative vervangbaarst)

  1. replaceable

Inflection

Inflection of vervangbaar
uninflected vervangbaar
inflected vervangbare
comparative vervangbaarder
positive comparative superlative
predicative/adverbial vervangbaar vervangbaarder het vervangbaarst
het vervangbaarste
indefinite m./f. sing. vervangbare vervangbaardere vervangbaarste
n. sing. vervangbaar vervangbaarder vervangbaarste
plural vervangbare vervangbaardere vervangbaarste
definite vervangbare vervangbaardere vervangbaarste
partitive vervangbaars vervangbaarders
This article is issued from Wiktionary. The text is licensed under Creative Commons - Attribution - Sharealike. Additional terms may apply for the media files.